Artikel

Alicja Gescinska Hand van hoop

Alicja Gescinska Hand van hoop - Pleidooi voor een hernieuwd pacificisme


uutg. De Bezige Bij 2026 



20. een gruwelijk genot


Wat we in Boetsja hebben gezien, is de donkere diepte, de afgrond in de mens. De mens is een wreedaardige soort. Die conclusie zal voor sommigen een open deur zijn; anderen zullen halsstarrig het tegendeel blijven beweren.


De meeste mensen deugen, toch? Of deugen ze voor geen meter? Wie zelfs maar vluchtig bladert door het boek van de geschiedenis, kan niet anders dan een trieste waarheid onder ogen zien: de wreedheid zit diep in de menselijk natuur ingebakken. De woorden van mensen die uit die donkere diepte gekropen zijn, die de afgrond overleefd hebben, de woorden van mensen zoals Primo Levi, Imre Kertész, Barbara Skarga, en zovele anderen, leren ons dat de mens niet enkel gruwelijke dingen doet, maar dat hij daarvan ook niet zelden geniet.


 


43. Na 1989, na de val van het communisme in Europa, heeft het Westen opnieuw dezelfde fout gemaakt. Ze hebben Rusland voortdurend zitten paaien omdat economische belangen belangrijker zijn dan morele principes als vrijheid, waardigheid en zelfbeschikking. Toen de Sovjet-Unie uiteenviel, heeft Rusland dat met geweld proberen te voorkomen. Michaïl Gorbatsjov werd in het Westen geprezen. Hij werd als een vredesduif begroet en bekroond met een Nobelprijs voor de Vrede. En ondertussen vielen er op bevel van diezelfde Gorbatsjov in Litouwen tientallen doden en gewonden. In Azerbeidzjan snakte de bevolking naar vrijheid, en wat deed Gorbatsjovs Rusland? Met agressie antwoorden. Tijdens ‘Zwarte januari’ vielen honderden doden en gewonden te betreuren.


Heeft het Westen een vuist gevormd tegen zulke agressie, of zelfs maar een vermanend vingertje opgestoken? Neen,het Westen heeft weggekeken. Als steeds.


 


68. Vrede lijkt vandaag ver weg in Europa. Maar we mogen niet moedeloos worden. Geen volk of land is tot eeuwige vijandschap met een ander volk of land gedoemd. De geschiedenis biedt voldoende voorbeelden van landen die decennialang – eeuwenlang zelfs – als vijanden door het leven gingen en nu vreedzaam co-existeren. Dat Frankrijk en Duitsland al decennialang vriendschappelijke banden onderhouden is geen geopolitiek wonder. Het is het resultaat van hard werk, een mentaliteitswijziging van toenadering, verstandhouding en wederzijds begrip. Dat een land als Polen, dat zo vreselijk toegetakeld is tijdens de Tweede Wereldoorlog, nu goede relaties met Duitsland onderhoudt, is het resultaat van een proces van bezinning en boetedoening, van verzoening en vergeving, van in het reine komen met de zwarte bladzijden van het verleden om een nieuw hoofdstuk te kunnen beginnen. Zoals in menselijke relaties excuses nodig zijn om na fouten verder te kunnen, zo is het ook in geopolitieke relaties.


 


70. De Russische wolf heeft nog steeds grote honger; dat bewijst hij iedere dag. En hij heeft geen berouw over de vele schapen die hij vroeger met zijn tanden verscheurd heeft. Rusland heeft nooit boete hoeven doen voor zijn wandaden uit het verleden: geen spijt of sorry of schuldbelijdenis. Niet naar zijn buurlanden toe, niet intern. Rusland heeft nooit sorry gezegd voor de Holodomor: de genocide op het Oekraïense platteland door middel van een bewust gecreëerde hongersnood in de jaren dertig. Rusland heeft nooit berouw getoond voor de miljoenen mensen, Oekraïners en vele anderen, die in de goelag zijn gestorven. Neen, Stalin, de massamoordenaar die daarvoor verantwoordelijk was, wordt nog steeds openlijk verheerlijkt.


Wist u dat twee op de drie Russen vandaag de dag een positief beeld heeft van Stalin? Voor hen is hij niet de historische mensenslachter, maar de sterke leider die het land groot heeft gemaakt. Poetin heeft die revival van de Stalin­ cultus zelf gestimuleerd, omdat ook hij baat heeft bij de cultus van de sterke leider.


 


77.Volgens Albert Camus is het leven absurd. We kunnen ons blijvend afvragen of het leven zin heeft of niet, maar de wereld geeft ons daarop geen antwoord. Het zijn wij zelf die dat antwoord moeten formuleren, met de manier waarop wij leven. Het leven is zoals de mythe van Sisyphus: we rollen een zwaar rotsblok de berg op, maar iedere dag stort het blok weer naar beneden en iedere dagbeginnen we opnieuw. Een schijnbaar zinloze bezigheid.


Volgens de Franse schrijver en filosoof mogen we ons daar niet zomaar bij neerleggen. Zin of geen zin, wij moeten koppig blijven doorleven en ons van onze taken kwijten.


Wanneer we dat doen, dan is het leven meer dan een last 


Het is een van zijn bekendste zinnen geworden: Il faut imaginer Sisyphe heureux.