Sigrid Bousset - Wat ik haar niet vertelde.
De Bezige Bij - Amsterdam 2025
450. Langzaam had ik moeten schuiven: van de mythe, in stand gehouden voor de buitenwereld, naar de intieme binnenwereld — waar moeizaam een schrijvend leven was begonnen. Tegelijk voelde ik mededogen, begrip voor de onvolkomen mens die Ivo was geweest. Christiane naast hem, haar leven met gemiste kansen dat ze desondanks zo had gewild. Zij hadden mijn jeugd een gloed gegeven, me boven mezelf uit getild terwijl ik zocht naar zingeving, naar een leefbare weg tussen mythe en realiteit.
Herinneren is werk, wanneer je opgroeit in die dubbele wereld.
Schrijvend heb ik gepoogd om te begrijpen, waarheid te vinden. Dat deed Ivo ook, wetend wat ongezegd zou blijven. Is er ooit een definitieve versie? Ivo's waarheid lezen we versleuteld in zijn experimentele teksten. Wat is de mijne? Ik ben in die kelder van zijn oertekst afge-daald, die waarin hij vreesde de stank nooit meer kwijt te kunnen raken. Is dat wat de getuigende biograaf mag doen, moet doen, aan het licht brengen wat de schrijver niet gezegd kreeg, in de hoop begrip te vinden voor de worsteling die een heel creatief leven in beslag had
genomen?
451. Ik wandel langs het hotel waar ik, die dag in 2014, Christianes knobbel had gevoeld. Zo meteen start een voorstelling van een vriendin, een monoloog over waarheid en leugen.? Na afloop merk ik Herman Selleslags op, de fotograaf die tal van beroemdheden voor zijn lens kreeg, zoon van de al even gewaardeerde fotograaf Rik Selleslags. We hebben een uur lang geluisterd naar Apate, de godin van de leugen en de misleiding, en haar pleidooi om de leugen naar waarde te schatten:
'Een leven in waarheid is amper te verdragen.'
'Heb je Ivo ooit gefotografeerd?' vraag ik Herman.
"Twee keer, zegt hij zonder aarzeling.
'Hoe was het contact?'
'Dat was er nauwelijks. Ivo hield zijn ogen dicht als ik hem wilde fotograferen. Ik zag hem voor het eerst in 1950. Hij kwam dronken binnen bij mijn vader, die net uit de gevangenis was. Ik was twaalf.
Ik zal de aanblik van die dronken Ivo nooit vergeten.'
Ik schrik van het beeld, zelf had ik Ivo nooit dronken gezien.
'Ik ben op zoek gegaan naar zijn waarheid, zeg ik.
'Die zul je nooit echt kennen. Zelfs al ging je onschuldig naar Duitsland of het oostfront en heb je er niets kwaads aangericht, dan nog voel je je schuldig. Je bent er geweest. Luister naar Apate: de waarheid is geen na te streven doel. Je kan enkel overleven als je nu en dan iets verzwijgt.'
(…)
Ivo heeft niet voor zijn loutering gezorgd, zeg ik. 'Het had hem kunnen bevrijden om zich volledig uit te spreken.'
'Daarom is het geheim, maar ook de achterdocht hem blijven vergezellen. Daarom sloot hij zijn ogen wanneer ik hem fotografeerde.
Een gesloten vat was hij. Het mysterie kan alleen maar groter worden.' Met deze gedachte rijd ik bij nacht de stad weer uit, bedenkend dat het ook zo simpel kan zijn: het is ijdele hoop de waarheid na te streven.
Het is een daad van mededogen om het verleden te laten rusten. De liefde voor mijn vaders blijft. Na jaren schrijvend met hen leven laat ik hen nu gaan.


